Wedstrijdreglement art. 3.1.3.9

In wedstrijden in de tweede en lagere klassen van de herencompetitie en in alle klassen van de jongenscompetitie mag met mannen en vrouwen in één team worden gespeeld. (juni 2013)

Wedstrijdreglement art. 3.1.6.1

Een speler mag in een hogere klasse, of in dezelfde klasse in een hoger team dan waartoe hij reglementair behoort uitkomen met de volgende beperkingen:

  1. niet meer dan tweemaal in één kalendermaand;
  2. niet meer dan elf wedstrijden per seizoen.

Daarnaast mag een speler horizontaal meespelen in een team van zijn of haar vereniging indien dit team in dezelfde klasse uitkomt als het team waartoe de speler reglementair behoort. juni 2017

Wedstrijdreglement art. 3.1.6.2

Een speler, die de bovengenoemde beperkingen overschrijdt, gaat automatisch tot het team behoren waarvoor hij het laatst is uitgekomen.

Wedstrijdreglement art. 3.1.6.3

Een jeugdlid mag onbeperkt uitkomen in ieder hoger team dan waartoe hij reglementair behoort.
Spelers uitkomend in de Mastercompetitie (oud MW) mogen maximaal 1x per seizoen invallen in een team spelend in de reguliere competitie op minimaal promotieklasse niveau

Uitleg

Reglementair behoren tot een team, betekent dat een speler behoort tot het team waarin de speler is opgegeven.

In een herenteam, dat uitkomt in de tweede klasse of lager mogen, met in achtneming van het gestelde in artikel 3.1.6.1, dames invallen mits de klasse van het team waarbij de dame is opgegeven gelijk of lager is.
Een dame opgegeven in een heren team, mag, met in achtneming van het gestelde in 3.1.6.1, invallen in een damesteam, mits dit damesteam uitkomt in dezelfde of een hogere klasse dan het herenteam waarin de dame is opgegeven

Praktijkvoorbeeld
Een speelster opgegeven in dames 3, 3e klasse mag met in achtneming van het gestelde in artikel 3.1.6.1 meespelen in de herenteams uitkomende in de 3e of invallen in de 2e klasse.

Praktijkvoorbeeld
Een speelster opgegeven in heren 3, 2e klasse, mag met in achtneming van het gestelde in artikel 3.1.6.1 meespelen in herenteams en damesteams uitkomende in de 2e klasse of invallen in alle damesteams uitkomend in de 2e klasse of hoger. januari 2018 - Regio West


Praktijkvoorbeeld vastspelen
een speler, opgegeven voor het 6e team (4e klasse), speelt:

op 5-10 in het 4e (2e klasse)   1e invalbeurt in okt.
op 12-10 in het 5e (3e klasse)    2e invalbeurt in okt.
op 19-10 (13.00 uur) in het 5e   3e invalbeurt in okt., d.w.z. vast gespeeld in team 5
op 19-10 (17.00 uur) in het 4e   4e invalbeurt in okt., d.w.z. vast gespeeld in team 4  
bij de start van november behoort de speler dus tot team 4, hij mag niet meer lager uitkomen

op 2-11 in het 3e (1e klasse)   1e invalbeurt in nov., 5e invalbeurt in totaal
op 9-11 in het 3e   2e invalbeurt in nov., 6e invalbeurt in totaal
op 16-11 beker in het 2e (Pr. Klasse)   geen invalbeurt. (beker telt niet mee) 
bij de start van december behoort de speler nog steeds tot team 4

op 7-12 in het 3e   1e invalbeurt in dec., 7e invalbeurt in totaal 
op 14-12 in het 3e     2e invalbeurt in dec., 8e invalbeurt in totaal 
op 21-12 in het 3e    3e invalbeurt in dec., d.w.z. vast gespeeld in team 3, 9e invalbeurt in totaal 
bij de start van januari behoort de speler dus tot team 3, hij mag niet meer lager uitkomen
   
op 5-1 in het 2e   1e invalbeurt in jan., 10e invalbeurt in totaal
op 12-1 in het 2e    2e invalbeurt in jan., 11e invalbeurt in totaal 
     
op 9-2 in het 2e    1e invalbeurt in februari, 12e invalbeurt in totaal, d.w.z. vast gespeeld in team 2  
bij de start van maart behoort de speler dus tot team 2, iedere volgende invalbeurt betekent vastspelen
   
op 10-3 in het 1e (3e divisie)    1e invalbeurt in feb., 13e invalbeurt in totaal, d.w.z. vast gespeeld in team 1